Vrijheid

Ik dacht dat ik de herfst beu was. De kou, de regen, het gebrek aan zon­ne­schijn. De win­ter is nog niet begon­nen en ik droom­de al van len­te­dauw. Ik dacht dat ik de herfst beu was.

Ik dacht dat ik de rege­ring beu was. Het wei­fe­len, het popu­lis­me, het gebrek aan daad­kracht. De patri­ar­cha­le fan­boys van het neo­li­be­ra­lis­me en hun in krijt­streep getooi­de getreu­zel. Ik dacht dat ik de rege­ring beu was.

Ik dacht dat ik K3 beu was. De shows, de voor­ge­kauw­de kut­mu­ziek, de kip­fi­let. Het als koket­te pinups ver­mom­de kleu­ter­ver­maak, op een dron­ken namid­dag uit de plee van Gert Ver­hulst gevist. Ik dacht dat ik K3 beu was.

Alles was ik beu. Het weer, de wereld, dis­cri­mi­na­tie, kli­maat­op­war­ming, Squid Game, Black Fri­day, de stank van hout­ka­chels, altijd gedoe met mijn prin­ter, jeuk op plek­ken waar ge niet bij kunt, bit­coins, con­ser­va­tis­me, sek­sis­me, ik dacht dat ik het alle­maal had gehad.

Maar niks ben ik zo weer­ga­loos klo­te­kots­beu als de schwal­be van de bevoor­rech­te wes­ter­ling die te mid­den van cre­pe­ren­de mede­men­sen en de con­stan­te roep om soli­da­ri­teit zijn oog­klep­pen wat strak­ker trekt om schmie­rend een emmer­tje kro­ko­dil­len­tra­nen te hui­len over vrijheid.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *