Spra­keloos

In de nasleep van het onheil dat Maartje en mij overkwam, nu meer dan twee weken geleden, kwam een stroom van al dan niet digitale steun en liefde onze richting uit. Tien­tallen reacties en berichtjes die ons hielpen om een beetje te ver­geten dat onze vakantie zo abrupt in het water viel. En een mooi tegen­wicht voor de angst, het onbe­hagen en de ver­warring die zich een tijd lang van ons meester maakten. 

Aan iedereen die op wat voor manier dan ook bij­droeg aan dat tegen­wicht: dankjewel.

We zijn ook blij dat we bij zoveel mensen ons verhaal kwijt konden. Tele­foontjes met en bezoekjes van vrienden en familie zorgden ervoor dat we ons niet alleen voelden met die vreemde last die nooit eerder op onze schouders lag. Al die luis­te­rende oren hebben de last lichter gemaakt. Onze vakantie is nog steeds kapot, en dat valt op korte termijn niet zomaar te her­stellen, maar er zijn heel veel mensen die ons verhaal heel erg zielig vinden. En dat doet gek genoeg heel veel deugd.

Er waren ook mensen die ons finan­cieel wilden steunen of zelfs iets van crowd­funding wilden opzetten. Omdat we daar nogal door over­donderd werden, en omdat we nog niet goed wisten hoe groot de finan­ciële schade zou zijn en of de ver­ze­kering daar dan in zou tus­sen­komen, hielden we die bootjes ietwat ver­legen af. Dat voelde vreemd, want jullie zijn allemaal zo lief. En ergens waren we ook bang om die liefde te geringschatten. 

En toen was daar die actie van Aafke. Onver­wacht, onge­vraagd, lief­devol. We stonden net op het punt om te ver­trekken naar de Ardennen, om daar op een Bel­gische camping de scherven van onze vakantie wat bij elkaar te rapen. We lieten het internet weer even voor wat het was, om op ons luchtbed in de zon te gaan liggen. Die Ardense ambitie kwam uit­ein­delijk ook niet echt van de grond, want de weer­goden enzo­voort. Bovendien mochten we met onze voor­lopige iden­ti­teits­be­wijzen het land niet uit, dus we pakten ons verlies en eenmaal thuis­ge­komen onze koffers weer uit. De laatste dagen van onze ver­lof­pe­riode gingen op aan wijn, voetbal kijken en wee­moedig uit het raam staren. 

Er was ook een mailtje van onze ver­ze­keraar. Omdat de diefstal waar we in Spanje het slacht­offer van waren niet ‘gepaard ging met geweld of bedreiging’, werd er geen tus­sen­komst ver­leend in ons dossier. Daar valt onge­twijfeld veel over te zeggen, maar voor ons kwam het neer op het vol­gende. Het vakan­tie­budget waar we zo lang zo hard voor gewerkt hadden, ging (en gaat) op aan het ver­vangen van de gestolen spullen en de schijt­lading aan admi­ni­stra­tieve en andere kosten die ons deel werden. Jammer, maar mod­der­fokking helaas.

Met wallen onder de ogen en het rare gevoel dat we helemaal niet op vakantie zijn geweest, begonnen we van­ochtend aan het nieuwe werkjaar. Hon­derden mailtjes met en zonder vlagjes lagen te wachten op een ant­woord. Dead­lines dienden zich aan. Het ver­langen om onze agenda’s uit het raam te keilen was groot. Maar we beten op onze tanden en gingen aan de slag. Totdat een mailtje van Aafke onze aan­dacht trok. Er komt een bedrag jullie richting uit, zei ze. En daar­onder een lange lijst van mensen die hadden bij­ge­dragen. Spra­keloos lieten we de werkdag voor wat hij was.

Liefste Aafke. Liefste Aafke en lieve lijst van lieve mensen. Lieve lange lijst van lieve mensen, weet dat jullie naam in een mailtje en daardoor voor nog heel lang in ons geheugen staat. Dank­jewel. Dank­jewel. Dank­jewel. Dit is een groot bedrag en een erg groot gebaar. Dat ver­trouwen in de mensheid zit heel erg snor.

Onze agenda’s zorgen ervoor dat we niet heel gauw opnieuw een vakan­tie­poging kunnen wagen (enkele uit­zon­de­rinkjes daar­ge­laten). Maar weet dit: we gaan jullie onver­wachte maar o zo zal­vende kado opzij zetten, en de eerst­vol­gende keer dat we met zijn twee in een tentje tussen de sinaas­ap­pel­bomen liggen te genieten, dan is dat voor een heel groot deel dankzij jullie. 

Liefs,

Maartje en Wannes

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.