«Nee ma, ik sta te pissen»

Sommige tafe­relen lijken geor­ches­treerd door hogere machten. Op het einde van mijn eerste examen-poging tot het behalen van een rij­bewijs, moest ik uit­wijken voor een tableau vivant dat daar geplaatst leek door de Ver­e­nigde Auto­mobiel Exa­mi­na­toren om begin­nende chauf­feurs in de war te brengen.

Een meneer had zijn wagen – een kleine cami­o­nette – op de weg gepar­keerd. Erop en niet ernaast. Hij stond achter zijn wagen aan de kant van de weg. Niet in de berm, niet tegen een heg, niet tegen een boom. Hij stond achter zijn wagen aan de kant van de weg met in zijn lin­kerhand een mobiele telefoon die hij tegen zijn oor hield, en in zijn rech­terhand zijn dui­delijk zichtbare lid, waarmee hij het frisse len­tegras stond te besproeien.

Wat zou er het meest dringend geweest zijn, vroeg ik me af. Het tele­foon­ge­sprek of het aflaten van de licha­me­lijke onderdruk? In elk geval hoop ik niet dat hij naar iemand belde om te vragen hoe dat ook weer moest, zeiken in de berm.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.