Broem
Een voorlopig rijbewijs, betekent dat dat ik het feit dat ik voorlopig rijd kan bewijzen, of dat ik het feit dat ik rijd voorlopig kan bewijzen?
In elk geval kon die arme meneer uit Marokko op het stadhuis helemaal niks bewijzen, ondanks het feit dat ie heel het schepencollege bij elkaar brulde.
Hij woonde al sinds 1970 in ons land, en wou nu – na meer dan dertig jaar – zijn arabisch rijbewijs uit die tijd laten omzetten naar een belgische variant. In die dertig jaar had hij niet meer achter het stuur van een wagen gezeten. Om allerlei redenen (o.a. het ontbreken van enige arabische taalkennis bij de glimlachende – en trouwens bloedmooie – loketdame) viel zijn eenvoudige verzoek met een luide plons in het water van ons kafkaiaanse administratie-moeras, waar het aan een trage en luid rochelende doodsstrijd begon…
Het was een schrijnend tafereel, maar ook haast poëtisch -
Hoe die meneer uit Marokko met zijn gebrekkige nederlands het onderspit moest delven tegen een berg vlaamse clichés met ‘ik maak de regelkes ook niet meneer’ on top; maar ook – omgekeerd – hoe kleinburgerlijke ambtenarij met hoog opgetrokken wenkbrauwen en de handen van niets wetend voor de borst opgetrokken het moest afleggen tegen mediterraan temperament en assertieve zuiderse armbewegingen (een minimalistisch dansje op de tonen van een parochiaal kamerorkest)
Hoe bloedmooi ze ook was, ik had mijn winnaar al gekozen…
Wellicht enigszins verwante berichten:
Nog geen reacties
Ik hou meer van nadenken dan van babbelen. Ik ben bang voor zowat alles. Ik maak mezelf graag dingen wijs en dat geldt vermoedelijk ook voor het voorgaande. Ik ben een op hersenloze infantiliteit kickende meerwaardezoeker. Ik haat het woord meerwaardezoeker. Ik ben verliefd op letters en woorden, al lees ik veel te weinig. Ik ben ook verliefd op muziek, in die mate dat ik niet veel nodig heb voor een dikke laag kiekevlees. Ik slaap graag maar ben een slechte slaper. Ik scoor bovengemiddeld op de beoordelingsschaal voor autisme. Dat is nooit officieel vastgesteld, maar zie zin 3. Ik moet heel hard lachen om elke variatie van de woorden pies, kak en stront of als ik iemand tegen een paal zie lopen. Tot slot heb ik nooit goed geweten wat ik wil. En daarmee heb ik bijna alles gezegd.